roeselare-station

NMBS, Infrabel, De Lijn en Stad Roeselare investeerden samen meer dan 50 miljoen euro in de vernieuwing van de stationsomgeving van Roeselare. Een nieuw, comfortabel bus- en treinstation, ruime fietsenstallingen, een ondergrondse parking en een autoluw plein met veel groen maken de stationsomgeving tot een multimodaal knooppunt van mobiliteit waar het aangenaam is om te reizen, winkelen en werken. Zij geven zuurstof aan de stad.

Tien jaar geleden kampte de stationsomgeving van Roeselare met verkeerscongestie. Het Stationsplein was een verzadigd verkeersknooppunt waar auto’s zich vaak vastreden en waar voetgangers en fietsers niet veilig konden wandelen of fietsen. Tegelijk boden het trein- en busstation niet langer het comfort dat NMBS en de Lijn hun reizigers willen geven.

NMBS, Infrabel, De Lijn en de stad besloten om die uitdagingen niet afzonderlijk aan te gaan. Zij sloten een samenwerkingsovereenkomst en bundelden hun expertises en middelen om de stationsomgeving samen om te bouwen tot een multimodaal verkeersknooppunt waar trein, bus, fiets en auto naadloos op elkaar aansluiten. En waar fietsers en voetgangers alle ruimte hebben om zich veilig te verplaatsen.

Schuilen onder groen

Het busstation dat vroeger onder het spoorviaduct huisde, schuilt nu onder reuzegrote platanen. Onder het groene dak is het aangenaam vertoeven op het comfortabele wachtmeubilair dat geflankeerd wordt door elektronische informatieborden.

Onder het busstation vinden in een ondergrondse parking 550 auto’s een plek. Liften verbinden de parking rechtstreeks met de perrons. Wie met de fiets naar het station komt, stalt die op de uitgebreide fietsenstallingen die plaats bieden aan 884 fietsen.

Ook de randparking op de hoek van de Oost- en de Gasstraat schuilt onder het groen van platanen. Een honderdtal bomen met een lichte kruin werpen fijne slagschaduwen op de verbrede horecaterrassen en de zitbanken op het stationsplein.

Meer comfort

Het oude stationsgebouw met zijn gesloten, betonnen wanden maakte plaats voor een nieuw pand met veel glas: een transparant gebouw dat zich naar alle kanten opent met vier in- en uitgangen naar het belendende busstation, de dito fietsenstallingen en het omringende plein.

De stationshal – waarin centraal de loketten staan en waarvan de trapwanden zijn verfraaid met kunstwerken van leerlingen van de stedelijke kunstacademie – is met liften en roltrappen verbonden met de perrons. Die zijn verhoogd om het op- en afstappen van de trein te vergemakkelijken en uitgerust met tegen weer en wind afgesloten wachthuisjes.

In het nieuwe stationsgebouw is er naast een politiekantoor, ook ruimte voor het fietspunt en verschillende winkels en kantoren. Zo is het station niet alleen een aangename plek om te reizen, maar ook om te winkelen en te werken.

Verbinding tussen wijken

Het stationsgebouw schoof 25 meter op in de richting van de Stationsdreef. Op die manier is het busstation goed zichtbaar voor wie vanuit het stadscentrum komt. Bovendien is op deze manier de verbinding tussen het stadscentrum en de Krottegemwijk aanzienlijk verbreed.

Waar voornoemde wijken in het verleden van elkaar werden afgesneden door een smalle, donkere doorsteek in het spoortalud, worden ze nu verbonden door een aangenaam verlengde van het plein dat helder is uitgelicht met sfeervolle, energiezuinige LED-verlichting.

Kroonstuk op het autoluwe stationsplein zijn de speelse waterspuitkopjes. Het standbeeld ‘Spelende kinderen’ van de Roeselaarse beeldhouwer Isidoor Goddeeris, dat vroeger ook al op het stationsplein stond, kreeg er een toepasselijke plek.

Zuurstof voor de stad

Aan de kant van de Sint-Amandsstraat bieden de betonnen urban gaming plateaus en de sportkooi vele spelmogelijkheden. Elders op het plein nodigen zitbanken en horecaterrassen uit tot verpozen. De weidse open ruimte aan de kant van de Ooststraat leent zich tot grootse evenementen.

De stationsomgeving is dus niet alleen een knooppunt van mobiliteit; het is een ontmoetingsplek in het hart van de stad. Bovendien is het stationsproject de motor voor verdere stadsvernieuwing, zoals het project De Groenling op de hoek van de Stationsdreef en de Sint-Amandsstraat. Het geeft zuurstof aan de stad.