Slechte weersomstandigheden kunnen een impact hebben op het treinverkeer en de spoorinfrastructuur. NMBS en Infrabel nemen deze problematiek ernstig en engageren zich om de risico’s te beperken.

Het slechte weer kan storingen veroorzaken op het spoornet: 

  • Condensvorming op elektronische componenten veroorzaakt problemen; 
  • Afbrekende takken en omvallende bomen richten schade aan; 
  • Hevige neerslag en overstroming veroorzaken o.a. onstabiele spoorwegbermen;
  • Nevel en mist bemoeilijken de rijomstandigheden voor de treinbestuurders.
Naast de nauwgezette opvolging van de weersvoorspellingen en het spoornet ondernemen NMBS en Infrabel verschillende acties.

Voorafgaande maatregelen

  • Sterke wind

De groendiensten zorgen ervoor dat op risicolocaties de struiken gesnoeid en de bomen gekapt worden. 

  • Hevige neerslag en overstroming

Door veel regen kunnen rotswanden hun stabiliteit verliezen. Daarom plaatsen de spoorwegen vangnetten. Ook spoorbermen worden gereinigd om instabiliteit te voorkomen.

Tot slot is het mogelijk dat sporen, tunnels en stations overstromen. Daarom controleren de ploegen regelmatig de afwatering en de pompen die het water moeten afvoeren.

Maatregelen tijdens het slechte weer

  • Condensatie

Condensatie ontstaat wanneer warme en vochtige lucht in een ruimte geen uitweg kan vinden. Er vormen zich dan druppeltjes op het oppervlak.

Luchtverversing is belangrijk om dit fenomeen aan te pakken. Daarom worden locomotieven, inclusief de gevoelige onderdelen, regelmatig geventileerd. Indien mogelijk worden de locomotieven binnen geplaatst.

Extreme weersomstandigheden

In uitzonderlijke situaties is het mogelijk dat sommige treinen beperkt, afgeschaft of omgeleid worden.

Reisadvies tijdens deze omstandigheden: plan je reis, vlak voor je vertrek, via de NMBS-app of nmbs.be.