Op 5 mei 1835 huldigt België de eerste spoorlijn op het Europese vasteland in, tussen Brussel en Mechelen. Een mijlpaal die van Brussel de eerste hoofdstad ter wereld maakt die door de trein wordt bediend. Het spoor groeit meteen uit tot een motor van innovatie en maatschappelijke transformatie.

 

Vertrek van de trein in het station van Essen, in het begin van de 19e eeuw

Doorheen de 19e eeuw ontwikkelt het spoorwegnet zich razendsnel. In slechts veertig jaar tijd wordt bijna 3.400 kilometer aan spoorlijnen aangelegd. Ons land krijgt daarmee één van de dichtste spoornetten ter wereld.

Tegelijkertijd profileert België zich als een belangrijke speler in de spoorwegindustrie. Tussen 1835 en 1939 produceert de Belgische industrie meer dan 16.000 stoomlocomotieven, waarvan er meer dan 10.000 worden geëxporteerd naar alle uithoeken van de wereld. De impact van de Belgische spoorwegexpertise reikt dus veel verder dan de landgrenzen.

De Eerste Wereldoorlog maakt een abrupt einde aan deze fase van expansie. In 1918 is de schade aanzienlijk: een kwart van het net is verwoest of onbruikbaar, één op de drie stations is ontoegankelijk en meer dan 2.000 spoormedewerkers laten het leven tijdens de oorlog.

De oprichting van NMBS in 1926

Op 23 juli 1926 wordt de wet gestemd die de Nationale Maatschappij der Belgische Spoorwegen opricht (toen nog NMBSW genoemd). De jonge autonome onderneming erft een uitgestrekt spoornet, duizenden medewerkers en een aanzienlijk patrimonium rollend materieel. Ze start al snel met een ingrijpende modernisering van het net, het materieel en haar organisatie.

In de jaren 1930 worden enorme stappen gezet op het vlak van exploitatieveiligheid. Voor het eerst worden lichtseinen gebruikt en in 1935 wordt de eerste geëlektrificeerde spoorlijn in dienst genomen, tussen Brussel en Antwerpen. Dankzij technische verbeteringen kan de snelheid op bepaalde trajecten worden verhoogd tot 120 km/u.

 Het seinhuis van Brussel-Noord in 1934, met zijn zeer bijzondere architectuur.

1938: een tijdloos logo groeit uit tot iconisch NMBS-symbool

In 1932 wordt architect en ontwerper Henry van de Velde aangesteld als artistiek adviseur van de NMBSW. In 1934 zit hij de jury voor van een wedstrijd om voor de spoorwegmaatschappij een nieuw embleem te ontwerpen. De winnaar is tekenaar Jean De Roy, de bedenker van het inmiddels iconische ‘B’-logo in een ovaal.

In 1938 wordt in Frankrijk de SNCF opgericht. Omdat de Franstalige benaming van de NMBSW (namelijk SNCFB) daar wel heel hard op lijkt, wordt een nieuwe naam gekozen: SNCFB wordt SNCB (en NMBSW wordt NMBS). Vanaf datzelfde jaar raakt het ‘B’-logo algemeen gebruikt en wordt NMBS de eerste spoorwegmaatschappij met een monogram.

Tweede Wereldoorlog: NMBS, bezet bedrijf

NMBS zorgt er in het belang van het land voor dat de treinen blijven rijden onder de Duitse bezetting. Op die manier werkt ze, ondanks interne weerstand, ook mee aan de deportaties naar Duitsland en de kampen. Een verhaal dat getuigt van het diep moreel dilemma tussen collaboratie en verzet. De tentoonstelling “NMBS, bezet bedrijf”, die tot 28 juni van dit jaar te bezoeken is in het spoorwegmuseum Train World, belicht de verschillende rollen die de Belgische spoorwegen speelden tijdens de Tweede Wereldoorlog.

De treinen blijven rijden tot de laatste dag van de oorlog, een periode waarin zowel de spoorweginfrastructuur als het rollend materieel zwaar worden getroffen. Het zal vele jaren duren om alle schade te herstellen.

Jaren 1950: modernisering en vernieuwing

In 1949 hervat NMBS haar elektrificatieprogramma, dat de jaren nadien verder wordt uitgebreid. In datzelfde jaar wordt het nieuwe station Brussel-Zuid in gebruik genomen. Op 4 oktober 1952 huldigt koning Boudewijn de Noord-Zuidverbinding plechtig in. Intussen gaat de elektrificatie van het net in hoog tempo verder.

Jaren 1960, 1970 en 1980: efficiëntie en modernisering

Het stationsbuffet van Antwerpen-Centraal rond 1960.

De neergang van de traditionele industrie, samen met het snel toenemende succes van het wegverkeer, dwingt NMBS om in deze periode een aantal lokale en regionale lijnen te sluiten. Toch ligt het aantal vervoerde reizigers in de naoorlogse periode hoger dan ooit tevoren.

In 1966 vindt de laatste rit van een commerciële stoomtrein plaats: het einde van een tijdperk.

1966 : de stoomtrein rijdt een laatste keer, tussen Aat en Denderleeuw

De jaren 1970 worden getekend door een economische crisis. NMBS blijft wel investeren - onder meer in de verdere elektrificatie van het net - maar aan een lager tempo. In haar jaarverslagen wijst NMBS jaar na jaar op het gebrek aan middelen dat de broodnodige modernisering afremt — een oproep die ze tot ver in de jaren 1980 blijft herhalen.

In 1984 lanceert NMBS een ambitieus nieuw vervoersplan: het IC IR plan. Voortaan zullen de treinen rijden volgens een vast tijdstip, en niet langer volgens variabele uurschema’s. Gaandeweg groeit bij de overheid het besef dat de trein toekomst heeft en een echt alternatief kan bieden voor het wegverkeer, dat steeds meer kreunt onder files en vervuiling.

Jaren 1990: NMBS wordt de grootste investeerder van het land

De jaren 1990 schieten ambitieus uit de startblokken: de spoorwegmaatschappij krijgt eindelijk de middelen om haar net grondig te moderniseren. In 1991 keurt de regering een tienjareninvesteringsplan goed dat de trein opnieuw aantrekkelijk moet maken. De werken voor de nieuwe hogesnelheidslijnen gaan van start. De eerste van die lijnen wordt in 1997 in gebruik genomen, tussen Brussel en de Franse grens. In 1995 wordt een nieuw tienjarenplan gelanceerd, waardoor NMBS uitgroeit tot de grootste investeerder in België. Daardoor kan NMBS eindelijk nieuwe treinen aanbieden aan haar klanten: de I11-rijtuigen en de MR96-motorrijtuigen tillen het comfort naar een niveau dat tot dan ongezien was.

2000-2015: structurele hervormingen

Aan het begin van de jaren 2000 vindt een hervorming van de spoorsector plaats onder impuls van de Europese regelgeving. In 2005 wordt het goederenvervoer per spoor volledig geliberaliseerd. Vanaf 2005 wordt NMBS hervormd in overeenstemming met de Europese richtlijnen: NMBS-Holding (coördinatie), NMBS (spoorwegoperator) en Infrabel (infrastructuurbeheerder) vormen samen de “NMBS-Groep”. In 2014 wordt de structuur vereenvoudigd: NMBS neemt de rol van spoorwegoperator op zich, Infrabel wordt belast met het beheer en de ontwikkeling van de spoorinfrastructuur, en HR Rail wordt de juridische werkgever van het personeel van beide ondernemingen.

NMBS zet haar modernisering voort met de komst van de Desiro-motorrijtuigen, en eind 2015 worden de eerste bestellingen geplaatst voor 445 nieuwe M7-dubbeldeksrijtuigen. Eind 2020 volgt een tweede bestelling van 200 bijkomende M7-rijtuigen, waarvan er 130 autonoom toegankelijk zijn. De laatste rijtuigen zouden tegen eind 2026 geleverd moeten zijn.

2023-2032: een nieuw hoofdstuk voor de opdracht van openbare dienst op het spoor

De ondertekening van het Openbaredienstcontract 2023-2032 in 2023 luidt een nieuwe fase in de geschiedenis van NMBS in. Het contract legt de verbintenissen van het bedrijf voor het personenvervoer per spoor duidelijk vast over een lange periode: het gaat onder meer om het treinaanbod, de bediening van de stations, het reizigersonthaal, de reizigersinfo, de tarieven, de veiligheid en de kwaliteit van de dienstverlening.

Dit kader biedt NMBS de nodige stabiliteit om haar investeringen te plannen, haar aanbod uit te breiden en de reizigerservaring te verbeteren binnen een veranderende Europese spoorwegcontext. Het weerspiegelt een sterke politieke ambitie: toegang tot de trein garanderen als een essentiële openbare dienst en een pijler van duurzame mobiliteit in België.

De liberalisering van het spoor en de openstelling voor concurrentie komen met rasse schreden dichterbij. In 2032 zal de opdracht van openbare dienst openbaar aanbesteed worden. Dit jaar bestaat NMBS 100 jaar en bevindt ze zich op een kantelpunt. De uitdagingen zijn groot: uitgroeien tot een onmisbare speler in een concurrerende omgeving en de opdracht van openbare dienst binnenhalen.

Het nieuwste hoofdstuk van de geschiedenis van de Belgische spoorwegen staat in het teken van veranderende gewoontes en verwachtingen op het vlak van mobiliteit. Door het stijgend aantal reizigers, de modernisering van het rollend materieel, de digitalisering van onze diensten en de integratie van treinen in een multimodaal mobiliteitsaanbod gaat het avontuur dat bijna twee eeuwen geleden begon, nog steeds verder.

Gesterkt door deze rijke, unieke geschiedenis blijft NMBS mensen en regio’s met elkaar verbinden, trouw aan haar opdracht van openbare dienst en met de blik op de toekomst.

Zoals dat al 100 jaar het geval is, gaat de reis verder.

check2-anim